400
700
900
Godshuizen langs de Vecht. Kunst uit de Vechtstreek ( Deel 3)
Versteegh, Jaap

Godshuizen langs de Vecht. Kunst uit de Vechtstreek ( Deel 3)

45e jaargang (bladzijde 95) nr.3 / IN: Periodiek HKM


Plot

Dit is de tekst zonder afbeeldingen. Zie voor afbeeldingen de papieren editie.


Kunst uit de Vechtstreek Deel 3

Godshuizen langs de Vecht

Auteur: Jaap Versteegh

De Vechtstreek is rijk aan religieus cultureel erfgoed. Door de eeuwen heen hebben zich in dit druk bezochte rivierengebied meerdere geloofsgemeenschappen gevestigd. In de zeventiende en achttiende eeuw speelden Maarssen en Maarsseveen bijvoorbeeld een belangrijke rol in de opkomst en bloei van Joodse gemeenten buiten Amsterdam. Het deel van de Vecht tussen Loenen en Breukelen kreeg in deze periode zelfs de bijnaam ‘Menistenhemel', omdat hier de mooiste buitenplaatsen stonden van de menisten, een andere naam voor doopsgezinden. Ook gereformeerden, hervormden en onnoemelijk veel andere geloofsgemeenschappen hebben zich in de loop der jaren in de Vechtstreek gevestigd, maar deze groepen hebben niet allemaal even duidelijk hun sporen nagelaten. Dat heeft mede te maken met het verlopen van de tijd, waarin veel verloren is gegaan, maar ook met het karakter van de verschillende religies en de wijze van hun geloofsbeleving. Zo zijn er betrekkelijk weinig zichtbare herinneringen aan het joodse verleden van de Vechtstreek. Van het rijke roomse leven rond 1900 is daarentegen nog opvallend veel terug te vinden. Dit heeft te maken met de grote overtuiging waarmee men hier, gelijk als in veel delen van ons land, de verzuiling heeft beleefd en godshuizen heeft gebouwd.

Maarssen als voorbeeld
Tijdens de Reformatie, halverwege de zestiende eeuw, werd het de rooms-katholieken, evenals de doopsgezinden, remonstranten en lutheranen, verboden hun geloof in de openbaarheid te belijden. Dit veranderde pas halverwege de negentiende eeuw met de invoering van de nieuwe grondwet, waarin onder meer de vrijheid van godsdienst was vastgelegd. Vanaf dit moment zetten in het bijzonder de rooms-katholieken een ongekend succesvolle emancipatiebeweging in gang. Dit heeft de nodige gevolgen gehad voor de Vechtstreek. In verschillende dorpen langs de Vecht en in de regio, zoals Maarssen, Breukelen, Nederhorst den Berg, Abcoude, Kockengen en Weesp, allemaal dorpen waar men prachtige, oude Nederlandse Hervormde kerken kan vinden, werden aan het einde van de negentiende eeuw imposante neogotische kerken gebouwd. Het wekt nogal eens verbazing dat destijds boven de rivieren meer van dergelijke grote, nieuwe katholieke kerken werden gebouwd dan in het zuiden van Nederland, waar het katholicisme toch een stuk populairder was. De verklaring is eenvoudig. Ten tijde van de Reformatie werden de meeste, oorspronkelijk katholieke kerken overgenomen door de protestanten. Na 1848 werden in het overwegend katholieke zuiden veel van deze kerken weer teruggeven aan de katholieken. Maar in het meer protestantse noorden gebeurde dit niet en moesten er nieuwe katholieke kerken worden gebouwd. Niettegenstaande het sterk teruglopende aantal gelovigen bieden veel van deze kerken tot op heden onderdak aan grote collecties religieuze kunstwerken. Zonder de andere Vechtdorpen te willen passeren, neem ik hier de Heilig Hartkerk in Maarssen als voorbeeld, omdat deze kerk exemplarisch kan worden genoemd voor het katholiek erfgoed in de Vechtstreek als geheel.

De Nederlandse Hervormde kerk
Voor deze lokale, historische schets moeten we beginnen bij de Nederlandse Hervormde kerk in Maarssen, tegenwoordig bekend als de ‘Dorpskerk’ van de Protestantse Kerk Nederland (PKN). Ruim vier eeuwen geleden was dit de katholieke St. Pancratiuskerk. De toren is het oudste nog bestaande bouwwerk van Maarssen. De romaanse stijl van de uit tufsteen opgetrokken toren duidt op een bouw van rond 1200. De bakstenen kruiskerk is -volgens een steen aangebracht in het koor- in 1519 om de bestaande toren heen gebouwd. Het gebouw is zoals gebruikelijk naar het oosten gericht en werd vormgegeven in de gotische stijl met de kenmerkende spitsbogen aan vensters en gewelven. Behalve het kerkgebouw maken ook de aan de zuidzijde gelegen begraafplaats en de daarnaast gelegen pastorie deel uit van het complex.
Dat deze kerk al vroeg kunstenaars wist te inspireren blijkt uit een ets van Roelant Roghman. Zoals ik in het artikel van de vorige editie van dit periodiek reeds schreef, maakte hij een serie landschapsprenten (circa 1645-1648) die uitgegeven werd onder de titel ‘Plaisante Landschappen ofte vermakelijcke Gesichten na 't Leven geteekent door Roelant Rogman (1627-1697)’. Een van de prenten uit deze serie stelt de ‘De Maersse en Maersseveense Kerck’ voor. Hoe idyllisch deze kerk nog jarenlang tussen de weilanden heeft gelegen is goed te zien in twee recent ontdekte aquarellen van P.J. Lutgers (1808-1874) (zie afbeelding 1).

Heilig Hartkerk
Nadat de katholieken eind zestiende eeuw verdreven waren uit hun St. Pancratiuskerk beleden zij vele decennia lang hun geloof zo onopvallend mogelijk in een schuilkerk op het terrein van het huis Beresteyn, op de plaats van de huidige rooms-katholieke begraafplaats aan de Straatweg. Na 1848 kregen de katholieken echter de wind weer in de rug en in 1885 werd de Heilig Hartkerk opgeleverd, pontificaal gesitueerd aan de Vecht in het centrum van Maarssen (zie afbeelding 2).
Deze kerk is een basiliek in neogotische stijl naar een ontwerp van de befaamde architect Tepe. Alfred Tepe (1840-1920) gold rond 1900 als dé huisarchitect van het aartsbisdom, waarvoor hij alles bij elkaar zo’n kleine zeventig kerken bouwde, waaronder in Maarssen, Abcoude en Nederhorst den Berg. Hij onderhield goede contacten met Gerard van Heukelum (1814-1910) die een centrale rol speelde in het verstrekken van architectuuropdrachten binnen het bisdom Utrecht. Van Heukelum was in 1869 medeoprichter van het Sint-Bernulphusgilde, een kunstvereniging van geestelijken en later ook leken. Met publicaties, lezingen en jaarlijkse excursies wilden zij de aandacht voor de neogotiek in kerkbouw en religieuze kunst stimuleren. Hier ontmoetten ook de kunstenaars elkaar die, ‘ontdekt’ door Van Heukelum, het ‘Utrechtse kwartet' zouden gaan vormen: de beeldhouwer Friedrich Wilhelm Mengelberg (1837-1919), glazenier Heinrich Geuer (1841-1904), de Amersfoortse edelsmid Gerard Brom (1882-1959) en architect Alfred Tepe. Van Heukelum inspireerde hen met middeleeuwse, religieuze kunstvoorwerpen uit zijn rijke verzameling. Deze inspiratie is terug te vinden in de Heilig Hartkerk. Het uiterlijk van deze kruiskerk heeft de kenmerken van de neogotiek, met spitsbogen en steunberen. Neogotische kenmerken waren ook te zien in het oorspronkelijke interieur. Aanvankelijk was het interieur druk versierd met allerlei kleurrijke schilderingen, zoals men destijds meende dat de middeleeuwse kerken versierd waren. Halverwege de vorige eeuw werd besloten de kerk, overeenkomstig de smaak van die dagen, van binnen wit te schilderen en werd er halverwege het koor een nieuw altaar geplaatst, versierd met een reliëf van René van Seumeren (1823-1989). Bij de laatste restauratie begin deze eeuw heeft men deze stijlbreuken echter weer recht weten te zetten en het oorspronkelijke interieur op een verantwoorde manier laten aansluiten op de hedendaagse smaak. Zo heeft het altaar met de plaatsing van enkele met bloemmotieven versierde hekken een geslaagde aanpassing ondergaan. In combinatie met de beelden van Mengelberg, delen van het oude altaar van Gerard Brom en nieuwe, moderne gebrandschilderde ramen vormt het een smaakvol geheel.

Gereformeerde kerk te Vreeland
In tegenstelling tot wat men binnen de katholieke kerk ziet, speelt de beeldende kunst in de protestantse kerk een bescheiden rol, wat zijn weerslag heeft gevonden in de relatief sobere versiering van protestantse kerken. Dit wil echter niet zeggen dat er geen prachtige, protestantse kerken zijn gebouwd. Een opvallend mooi voorbeeld in de Vechtstreek is de kleine gereformeerde kerk in Vreeland, gebouwd in 1905 door de architect Lion Cachet. Carel Adolph Lion Cachet (1864-1945) woonde van 1901 tot aan zijn dood in het achttiende-eeuwse buitenhuis 'Schoonoord', gelegen schuin tegenover de houten brug over de Vecht in Vreeland. Al die tijd was Cachet lid van de Gereformeerde Kerk. Als kunstenaar stond hij in de overgangsperiode van de negentiende naar de twintigste eeuw. In die periode ontstond grote belangstelling voor het ambachtelijke. De periode 1890-1910 wordt in de kunstgeschiedenis aangeduid als die van de nieuwe kunst, genoemd naar de in 1895 in Frankrijk geopende ‘Salon de l’Art Nouveau’. Kenmerkend was de grote aandacht voor decoratieve elementen. Bij het ontwerpen van dit kerkje in Vreeland heeft Lion Cachet zich ingehouden. Het gebouwtje in Vreeland is een zaalkerk zonder toren (zie afbeelding 3). De buitenkant van de kerk is in een sobere Berlagestijl ontworpen. Het interieur is vormgegeven in een meer geometrische Art Decostijl. Dit is van buitenaf te zien aan de glas-in-loodramen. Helaas is het gebouwtje niet langer als kerk in gebruik. Toen de Gereformeerde en Hervormde Kerk in 2004 fuseerden tot Protestantse Kerk Nederland werd de Grote of St. Nicolaaskerk midden in het dorp gebruikt voor de diensten. De gereformeerde kerk werd verkocht en is nu in particuliere handen. Inmiddels schijnt het te zijn verbouwd tot kantoor- en bedrijfslocatie. Van buiten ziet het er echter uit of er nog niets mee is gebeurd.

Priorij Emmaus te Maarssen
Van recenter datum is het voormalig klooster van de Priorij Emmaus, daterend uit 1966 (zie afbeelding 4). Aan dit gebouw van architect Jan de Jong, geheel uitgevoerd in de stijl van de Bossche School, is nog maar kort geleden met een speciaal themanummer van het Periodiek van de Historische Kring Maarssen uitgebreid aandacht besteed. Daarom zal ik hier volstaan met de constatering dat het één van de mooiste en kunsthistorisch meest belangwekkende moderne gebouwen in de Vechtstreek betreft, waarvan ik hoop dat het in de komende jaren zijn schoonheid zal behouden, ondanks de noodzakelijke aanpassingen die samenhangen met de verandering van bestemming.

St. Johannes de Doperkerk te Breukelen
Deze wens geldt ook voor de toekomst van de St. Johanneskerk in het centrum van Breukelen (zie afbeelding 5). Deze neogotische kerk lijkt van buiten enigszins op de Maarssense Heilig Hartkerk, maar anders dan de laatstgenoemde kerk is het interieur van de Johannes de Doper nog zo goed als helemaal in de oorspronkelijke staat. Dit wil zeggen dat het weliswaar restauratie behoeft, maar ook dat er nog nooit iets aan verpest is. In dat opzicht mag de St. Johanneskerk uniek worden genoemd en heeft het geheel een bijna museale allure. De architect van deze driebeukige kerk was Evert Magry (1841-1891). Het schip telt zes traveeën tot aan het transept en daarachter een travee voor het koor. Boven de westelijke entree staat de toren. De plafonds van het schip en het transept zijn voorzien van beschilderde houten gewelven. De zijbeuken zijn voorzien van gemetselde kruisribgewelven. Het hoofdaltaar werd in 1894-1895 gebouwd door de firma Mengelberg uit Utrecht. Daar werden ook de beelden van Antonius van Padua, het Heilig Hart van Maria, het Heilig Hart van Jezus en de kaarsendragende engelen gemaakt. De gebrandschilderde ramen werden gemaakt door de eerder genoemde Heinrich Geuer. Alles bij elkaar vormt het een schoolvoorbeeld van de neogotische interieurkunst. De ontkerkelijking, die de meeste godshuizen de laatste jaren ernstig parten heeft gespeeld, heeft echter ook de St. Johanneskerk getroffen. Noodgedwongen werden de rooms-katholieke parochies in de Vechtstreek samengevoegd. De kerken kwamen steeds vaker leeg te staan. Nu wil de gemeente Stichtse Vecht groen licht geven voor de bouw van appartementen in de Sint Johannes de Doperkerk in Breukelen. Het is te hopen dat de uitvoering van dit voornemen gepaard zal gaan met respect voor de schoonheid van dit unieke gebouw.


Onderschriften afbeeldingen:

Afb. 1: ‘De Maersse en Maersseveense Kerck’. Aquarel van P.J. Lutgers. Collectie Galerie Pygmalion.

Afb. 2: Heilig Hartkerk in Maarssen. Foto Jaap Versteegh.

Afb. 3: Voormalige gereformeerde kerk te Vreeland. Foto Jaap Versteegh.

Afb. 4: Priorij Emmaus te Maarssen. Foto Jaap Versteegh.

Afb. 5: St. Johanneskerk in het centrum van Breukelen. Foto Jaap Versteegh.