400
700
900
De koepel van Vechtoever
Kottman, J.F.P.

De koepel van Vechtoever

48e jaargang (bladzijde 108) nr.3 / IN: Periodiek HKM

Genre

  • Historie

Subject

  • Theekoepel

Plot

De koepel van Vechtoever

Jaap Kottman

Bij praktisch elke oude buitenplaats stond een speciaal gebouwtje dat bedoeld was om tijdens een wandeling door de tuin even te kunnen verpozen en een kopje thee te drinken. Wij kennen ze vooral onder de naam theekoepel. 1) Veel van de oorspronkelijke koepels zijn in de loop der tijd verloren gegaan. Een aantal is weer opnieuw gebouwd, zij het vaak in iets andere uitvoering en soms op een andere plek. De verandering in het gebruik van veel buitenplaatsen in later tijd hield vaak verwaarlozing van de koepels in. In de jaren zestig van de vorige eeuw kregen ze opnieuw aandacht en werd er gekozen voor herstel in plaats van afbraak. Langs de Vecht staan nog relatief veel koepels, meer dan dertig exemplaren. De buitenplaatsen langs de Vecht hadden hun koepel meestal dicht bij de rivier staan en soms over de weg of het jaagpad heen, direct aan het water. Dit artikel beschrijft één van de meest bijzondere en fascinerende theekoepels van de Vechtstreek, die van de buitenplaats Vechtoever aan de Vecht bij Maarssen.

Vechtoever
Dit bouwwerkje, gelegen op enige afstand van het hoofdhuis, lijkt meer een antiek tempeltje dan een koepel. Het doet denken aan die van de grote Europese landgoederen, waar vaak op het eind van het terrein een dergelijk tempeltje staat. Bij de koepel van Vechtoever is dat de noordwesthoek van het landgoed, afgebakend door de grenssloten van het terrein. De koepel staat deels in de westelijke sloot die langs het jaagpad van de Vecht loopt. Tegenwoordig loopt naast het noordelijke slootdeel een paadje in de richting van de Diependaalsedijk, zodat nu ook vanaf deze zijde de koepel goed te zien is.
De grondvorm is zeshoekig met op de hoeken uitspringende, rechthoekige hardstenen sokkels boven een bakstenen fundering. De opbouw is in hout uitgevoerd. Op hoge voetstukken boven op de sokkels staan zes sierlijke, Korinthische zuilen met de daarvoor kenmerkende cannelures en kapiteelversiering van acanthusbladeren. De zuilen lijken verdubbeld te zijn door pilasters die daarachter op de hoeken van de koepel zijn aangebracht en die eveneens zijn voorzien van cannelures en een Korinthisch kapiteel. De zuilen dragen het hoofdgestel met een uitspringende getande kroonlijst. Iedere tand heeft een versiering van acanthusbladeren. Het gebouw heeft een plat dak.
Via een hardstenen, gebogen, drietreeds trapje is de dubbele toegangsdeur bereikbaar. De deuren hebben een halfrond bovenlicht, afgescheiden door een horizontale lijst met een fraai radiaal patroon in de ruitverdeling. In de overige gevelvlakken zijn boogvensters aangebracht met dezelfde ruitverdeling en lijst als bij de deuren; daaronder zijn dubbele vensters in acht ruiten verdeeld. Onder de dwarsstijl gaan de deuren en ramen over in houten panelen. Twee van deze vensters kunnen met de panelen naar binnen opengedraaid worden. Ze zijn voorzien van een veiligheidshekje.
Bovenaan de vensterbogen zien we zes allegorische kopjes tussen florale C-voluten. Ze stellen de vier seizoenen voor plus de zon en de maan. Vanaf de deur naar rechts zien we de zomer (met bladerkroon), de lente (met bloemenkrans), de winter (oudere man met baard, hoofdbedekking en wapperende haren), de maan (met diadeem met wassenaar), de herfst (Bacchus met druivenkrans) en de zon (met lauwerkrans met stralenkroon). De volgorde van de kopjes lijkt niet logisch, maar die zou veranderd kunnen zijn bij een restauratie. Op een foto uit 1968 is te zien dat toen minstens één kopje verwijderd was. Verder is links en rechts van de kopjes een rozetversiering aangebracht. Het interieur heeft een gekoofd stucplafond met een reliëfversiering van guirlandes op de zes zijden en bovenaanzichten van geitenschedels op de hoeken.

Hoe zag het oorspronkelijke dak eruit?
De koepel van Vechtoever wordt gedateerd rond 1775. 2) Er is geen enkele oude afbeelding van deze theekoepel bekend. Bij verkoopadvertenties in kranten uit 1795-1796 van de buitenplaats Vechtoever worden wel tuinmanswoning, koetshuis, stalling en landerijen genoemd, maar geen koepel. Toch zou deze er toen al gestaan moeten hebben. De datering is gebaseerd op het classicistische voorkomen van de koepel, passend in de Lodewijk XVI-stijl van zowel het interieur als het exterieur. 3) Op de eerste kadastrale kaart (1811-1832) is de locatie van de koepel wel met de grondvorm aangegeven en op de bijbehorende legenda genoemd. Er is op deze kaart zelfs een tweede koepel getekend en benoemd nabij de Diependaalsedijk. Op een foto uit de vroege twintigste eeuw is de koepel te zien met een plat dak met een sierlijke, houten dakomlijsting of attiek van latwerk. Op de zes hoeken staan robuuste verbindingspalen met daarop siervazen die boven het geheel uitsteken. Het hoofdmotief van de omlijsting bestaat per zijde uit twee grote, liggende ovalen die met kleine cirkels met elkaar verbonden zijn. In 1920 is de dakomlijsting door brand vernield en daarna niet meer hersteld.

Restauraties
Voor het behoud van een koepel is onderhoud heel belangrijk. Dat geldt evenzeer voor die van Vechtoever. In 1955 en 1957 werd subsidie aangevraagd voor restauratie. In 1960 werd subsidie toegekend voor restauratie van de gehele buitenplaats. Voor de koepel gold onder meer dat de oude kozijnen en deuren vernieuwd moesten worden. De in Maarssen geboren en van vele restauraties in de provincie Utrecht bekende architect W. Stooker (1892-1983) maakte de ontwerptekeningen voor die restauratie. Hij had sporen op het dak ontdekt die volgens hem wezen op de mogelijkheid van een oorspronkelijk koepeldak. Op de tekening had hij daarom een dergelijk dak toegevoegd. Het toegekende krediet voor restauratie was echter opgegaan aan het hoofdgebouw van Vechtoever en het duurde tot 1968 voordat de koepel aan de beurt kwam. Gezien de kosten werd daarbij afgezien van herstel van het koepeldak. Ook waren inmiddels oude foto`s opgedoken waarop geen koepel te zien was, maar een attiek boven op het platte dak.
Na de restauratie van de koepel in 1968 vond er in 1972-1973 en in 1984 onderhoud plaats aan het schilderwerk. De koepel voldeed in 1985 aan de gestelde eisen volgens een inventarisatie van het cultuurbezit in Maarssen door het Bureau Monumentenzorg Provinciale Planologische Dienst Utrecht. 4) In 1987-1988 moest er echter weer een grote renovatie uitgevoerd worden. In 1992 verscheen er opnieuw een inventarisatierapport en daarin werd de staat van de koepel goed bevonden. 5) In 1999 was er weer achterstallig onderhoud en nu, zomer 2021, zou een opknapbeurt wel weer op zijn plaats zijn.

Nog een koepel in 1908?
Tussen 1898 en 1910 was de in 1846 in Amsterdam geboren Gerrit Karel Felix van Walree (1846-1910) de eigenaar van Vechtoever. Hij liet het niet na aan familie, maar aan het Witte Kruis, met daarbij een geldbedrag voor de exploitatie als tehuis voor rustbehoevende verpleegsters, die het in 1911 konden betrekken. Twee jaar voor zijn overlijden vroeg en kreeg hij van de gemeente Maarsseveen een vergunning om op zijn terrein een koepel te laten bouwen. Deze zou gebouwd moeten worden door timmerman S. Broertjes die bij de aanvraag ook een bouwtekening had ingeleverd. Het betrof een eenvoudig, vierzijdig, houten bouwwerk met wanden van verticale delen en met een overstekend tentdak. De geplande locatie was waarschijnlijk niet direct aan de Vecht en het bouwsel moet meer als een speel- of kinderhuisje gezien worden. 6) Onbekend is of deze koepel daadwerkelijk is gebouwd; vermoedelijk is het er niet van gekomen.
Tot slot
De bijzondere theekoepel van Vechtoever had in het verleden een houten dakomlijsting zoals we op bovenstaande oude foto`s gezien hebben. De classicistische vormgeving van de theekoepel laat zien dat er zeer waarschijnlijk voor het ontwerp een architect en/of voorbeeldtekeningen aan te pas zijn gekomen. De ruitverdeling van de bovenlichten en zeshoekige kroonlijst wijzen daarop. Als opdrachtgever komt de zeer gefortuneerde Amsterdamse regent Adriaan Joan Cloeting van Westenappel (1719-1796) in aanmerking. Hij had Vechtoever vanaf 1751 tot 1794 in zijn bezit. Hoewel in het verleden verschillende rapporten zijn uitgebracht die de staat van de koepel als goed beoordeelden, is gebleken dat binnen enkele jaren de kwaliteit van de koepel toch sterk achteruit kan gaan.

Noten

1. Zie de advertenties over buitenplaatsen in kranten uit de zeventiende en achttiende eeuw. Te vinden via www.delpher.nl: historische kranten. Daar wordt overigens vaak gesproken over koepel. Zie voor speelhuisjes: Juliette Jonker-Duynstee, ‘Speelhuisjes aan de Vecht’, in: Jaarboekje Niftarlake (2018) 81-105.
2. Bart O. van den Berg e.a., Theekoepels en tuinhuizen in de Vechtstreek en `s-Gravenland. Stichting Commissie voor de Vecht en het Oostelijk en Westelijk Plassengebied. (1980) 57-59.
3. De datering is bepaald door architect C.L. Temming Groll die de restauratie van de koepel heeft geleid in 1986. Hij schrijft daarover: ‘met in het stucwerk aan de binnenzijde zelfs nog bescheiden reminiscenties aan de Lodewijk XV-stijl’. Zie: ‘Een vraag over Maarssen’, in: Oud-Utrecht 1 (1969) 38-39.
4. Roland Blijdenstein (red.), Inventarisatie Cultuurbezit Maarssen. Uitgave Bureau Monumentenzorg Provincie Utrecht (1985).
R.S.F.M. Horbach en M. Laman, Monumenten Inventarisatie Project Maarssen. Uitgave Provincie Utrecht Dienst Ruimte en Groen (1992).
6. Kadastraal sectie A. 1280.